Bekijk hier de bijdrage van Lisa in het debat Afspelen op YouTube

Drie weken geleden, op 24 juni, was het Kamerdebat over de aangekondigde versoepelingen die het weekend erop zouden ingaan. Een debat waar verschillende collega’s vroegen: gaan we niet te snel? Waarin ik vertelde over mijn gesprek met verpleegkundigen en een arts-microbioloog die heel anders naar de persconferentie hadden gekeken, namelijk met flinke buikpijn.

Ik stelde de retorische vraag aan het kabinet: waar kennen we het van, dat varianten van het coronavirus worden onderschat? En ik vroeg ook: wat nu als andere landen vakantievierende Nederlanders weigeren, omdat we in augustus knalrood zijn op de kaart van Europa?

“Ik heb goed nieuws”, vertelde minister De Jonge, “alle cijfers gaan de goede kant op. We kleuren groen.”

Maar dat weekend ging het mis in het uitgaansleven. Een hack in het systeem van testen voor toegang, QR-codes die in appgroepen werden gedeeld, en sommige horeca-eigenaren die een oogje toeknepen.

De dinsdag erop stonden we in het vragenuur, en vroegen de minister hoe dit te voorkomen. En of de handhaving wel op orde was. Maar volgens de minister kwam het goed.

Maar het kwam niet goed. Om die reden werd vorige week een extra Kamerdebat ingepland.

Maar de voorstellen die we vorige week deden om de geldigheidsduur van een testbewijs omlaag te brengen, beter grip te krijgen op virusvarianten en geld voor ventilatie op scholen dit jaar beschikbaar te maken, werden allemaal met klem ontraden door dit kabinet.

En nu staan we hier. De buikpijn van de verpleegkundigen en arts-microbioloog was terecht. Inmiddels verwacht het RIVM tussen de 150 en 600 patiënten op de Intensive Care. De werkdruk voor verpleegkundigen zal toenemen en uitgestelde zorg zal nog langer worden uitgesteld.

Ik weet hoeveel moeilijke keuzes het kabinet in korte tijd moet maken. En natuurlijk weten we het echt niet altijd beter. Maar hier is natuurlijk wel iets grandioos verkeerd gegaan. Het kabinet is van veel te rooskleurige voorspellingen uitgegaan en heeft kritische vragen weggewuifd. Er is geen oog geweest voor de gezondheidsrisico’s waaraan mensen worden blootgesteld.

Hoe kijkt het kabinet nu naar de afgelopen weken? En belangrijker: wat is ervan geleerd? 

Hoe gaat het kabinet de communicatie verbeteren en urgentie uitstralen? Met aandacht voor de dilemma’s, de risico’s en de onzekerheden? En ook voor rol die mensen zelf hebben in het voorkomen dat het virus zich verspreid. Gebruik makend van de kennis die er onder wetenschappers aanwezig is in de Gedragsunit van het RIVM.

De fractie van GroenLinks stoort zich aan de framing van dit kabinet. Het woord ‘inschattingsfout’ is nogal een understatement. In de Eerste Kamer had minister De Jonge het over 'het discours': iedereen wilde versoepelen. Maar de minister is zelf verantwoordelijk voor het discours.

Ik snak naar volwassen communicatie hierover, in plaats van de kinderliedjes, woordspelletjes en PR van de ministers.

Veel mensen zijn ontzettend boos dat we in deze situatie zitten. En ik begrijp dat. In eerste plaats omdat het erg is voor mensen die nu ziek worden, in het ziekenhuis belanden of long-COVID klachten krijgen. Dat treft ook jongeren die zich maandenlang aan álle maatregelen hebben gehouden, de boodschap kregen dat ze weer veilig konden uitgaan, en toch ziek zijn geworden.

Het treft horeca-ondernemers, die net weer open konden. Mensen die gaan trouwen, en hun plannen weer moeten aanpassen. Festivals, die al maanden aan het voorbereiden zijn, en nu soms pas een paar dagen van tevoren horen of ze kunnen doorgaan. Hoe staat het met compensatie van deze branche?

Hoe houden we ook beter zicht op het virus? Is het kabinet het met ons eens dat het na anderhalf jaar rijden in de achteruitkijkspiegel, tijd wordt om weer een parcours te rijden met de blik vooruit?

Hoe kunnen de modellen hiervoor worden verbeterd? En als dat niet kan, hoe voorkomt de minister dan dat hij zich nog eens zo laat verrassen? Welk effect kunnen we verwachten van de maatregelen?  En ten slotte, waarom wordt niet het hele advies van het OMT over genomen?

Maatregelen blijven politieke afweging, maar kan het kabinet motiveren waar het vertrouwen vandaan komt om af te wijken van het OMT-advies?

Want het vertrouwen dat op de juiste gronden, de juiste keuzes worden gemaakt, dat is de afgelopen weken beschadigd.

“ Ik snak naar volwassen communicatie hierover, in plaats van de kinderliedjes, woordspelletjes en PR van de ministers. ”

Lisa Westerveld Tweede Kamerlid